Auto weren uit de stad? Dit zijn de lessen die echt werken

autoluw stad

Autoluw is geen doel, maar een middel

Steeds meer steden kiezen voor autoluw beleid. Niet omdat de auto slecht is – integendeel, het is een efficiënt vervoermiddel voor lange afstanden – maar omdat de auto in de stad simpelweg te veel ruimte inneemt. Ruimte die we ook kunnen inzetten voor wandelen, ontmoeten en spelen. Zoals Annemiek Wiggers en Gido van Os van RUIMTEVOLK het treffend zeggen: “De auto is de minst efficiënte manier van stedelijk ruimtegebruik die we kennen.” Dat raakt direct aan de missie van Ruimte voor Lopen: steden zo inrichten dat lopen vanzelfsprekend én aantrekkelijk is.

Vier lessen uit Europa

Wetenschappers Sean van der Lee en Wijnand Veeneman onderzochten het beleid in Barcelona, Bremen, Kopenhagen en Milaan en distilleerden daaruit vier lessen. De eerste?

1. Wees continu op zoek naar nieuwe maatregelen

Denk aan deelauto’s (zoals in Bremen) of herinrichting van straten (zoals in Milaan). Daarbij is het cruciaal om van andere steden te leren. Want wat werkt in Kopenhagen, kan misschien ook in Groningen.

2. Betrek bewoners én wetgevers

De tweede les: let op de lokale context. Een maatregel die op papier slim lijkt, kan in de praktijk stranden op wetgeving of weerstand. In Milaan mochten fietspaden bijvoorbeeld niet tijdelijk worden ingericht – tot een wetswijziging tijdens corona dit mogelijk maakte. In Barcelona werden bewoners actief betrokken bij het ontwerp van de beroemde Superblocks. Zo creëer je draagvlak en voorkom je verkeersarmoede.

3. Grijp het juiste moment

De derde les is misschien wel de belangrijkste: grijp je kans zodra die zich voordoet. Vaak openen zogeheten ‘kansenvensters’ zich onverwacht, bijvoorbeeld door maatschappelijke onrust of zelfs tijdens een pandemie. Dan moeten beleidsmakers snel kunnen schakelen. Voor ingrijpende plannen is timing cruciaal.

4. Test en leer

Tot slot: probeer maatregelen eerst uit, vóór je ze definitief invoert. Zo ontdek je wat werkt, en wat bijsturing nodig heeft. Dat geeft vertrouwen, ook bij bewoners. Voor Ruimte voor Lopen betekent dit: blijf experimenteren met tijdelijke wandelzones, woonerven of autoluwe straten.

Meer ruimte om te lopen

Waarom dit alles relevant is? Omdat autoluwe steden automatisch wandelvriendelijker worden. Minder auto’s betekent meer ruimte, meer veiligheid en meer rust voor voetgangers. En dat is precies waar het Nationaal Masterplan Lopen om draait: lopen als volwaardige vorm van mobiliteit. Meer weten? Bekijk de uitgangspunten in het Nationaal Masterplan Lopen.

Blue Zone Festival 2025: ruimte voor lopen centraal in gezonde leefomgeving

Blue Zone Festival

Op 15 mei vond in de Amersfoortse Prodentfabriek het Blue Zone Festival plaats. Een inhoudelijk sterk festival dat bruggen sloeg tussen gezondheid, mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling. Lopen en wandelvriendelijke steden waren één van de pijlers die centraal stonden.

Sessies over lopen en wandelvriendelijke steden

Er was een aantal sessies waar lopen als onderwerp terugkwam. Een greep eruit:

  • In de sessie Beloopbare steden en dorpen namen Annemieke Molster, Sandra Schuit en Frank Hart deelnemers mee op een ‘walkshop’ door de omgeving. Ze onderzochten ter plekke wat een loopvriendelijke openbare ruimte vereist, gebaseerd op de publicatie met dezelfde naam.
  • De beleving ChiWalking: wandelen met de kracht van ontspanning, geleid door Pascal de Graaff en Evert Aldewereld, introduceerde een wandeltechniek die ontspanning en efficiëntie combineert, wat bijdraagt aan zowel fysieke als mentale gezondheid.
  • Het project Cartesius Utrecht: bouwen aan een gezonde gemeenschap werd gepresenteerd door Marja van Reijn, Hanneke Kruize, Inès Youssef en Delilah Sarmo. Zij bespraken hoe deze nieuwe stadswijk is ontworpen met actieve mobiliteit als uitgangspunt, waarbij de auto te gast is en de voetganger centraal staat.
Blue Zone Festival

Concrete projecten: lopen als sociale motor

De kracht van het festival lag in de verbinding tussen visie en praktijk. Zo liet Blue Zone Kattenbroek zien hoe buurtbewoners, zorgprofessionals en gemeente samenwerken aan een gezonde wijk. In Park Veldzicht in Altena verandert een oud zwembad in een plek voor bewegen, ontmoeten en gezondheid. En in Slangenbeek Gezond in Hengelo ontstaat levendigheid uit bewonersinitiatief, ondersteund door professionals.

Roermond zet met nieuw verkeersveiligheidsplan volop in op fietsers en voetgangers

verkeersveiligheidsplan Roermond

Veiligheid van fietsers en voetgangers. De twee kernpijlers van het nieuwe Verkeersveiligheidsplan 2025-2030 van de gemeente Roermond zijn duidelijk. Met dit plan speelt Roermond in op landelijke trends én lokale behoeften om de verkeersveiligheid duurzaam te verbeteren.

Uit onderzoek blijkt dat kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals voetgangers en fietsers, het vaakst slachtoffer zijn van verkeersongevallen. Daarom stelt de Limburgse gemeente hen centraal in het onlangs gepresenteerde plan. Vier speerpunten vormen de basis van het nieuwe plan:

  1. Faciliteren en stimuleren van veilig gedrag: Meer aandacht voor gedragsverandering via campagnes zoals BOB en MONO, en een gerichte aanpak rondom scholen en woonwijken.
  2. 30 km/u als nieuwe standaard: Verlaging van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom, wat bijdraagt aan een veiligere en leefbaardere omgeving. Dit maakt lopen aantrekkelijker.
  3. Fietsers en voetgangers eerst: Meer ruimte voor lopen en fietsen, verbetering van risicolocaties en aanleg van nieuwe fietsroutes en voetgangersverbindingen.
  4. Autoluwe schoolomgevingen: Pilots met verkeersluwe straten rondom scholen zorgen voor veiligere dagelijkse routes voor kinderen, waardoor ze vaker lopen.

Het nieuwe verkeersveiligheidsplan sluit aan bij de mobiliteitstransitie en houdt rekening met nieuwe vervoersmiddelen zoals fatbikes en speed pedelecs. Roermond wil ervoor zorgen dat iedereen veilig en comfortabel aan het verkeer kan deelnemen.

Nieuwe gastdocenten melden zich

Er hebben zich weer nieuwe gastdocenten gemeld die bereid zijn hun kennis over lopen en voetgangers over te dragen aan studenten. Het gaat om Maureen Walen van Visio Zicht op Toegankelijkheid en kennisplatform Kennis Over Zien, Patty Muller van de Voetgangersvereniging Nederland en Marijn Veraart van CROW.

Ze zijn toegevoegd aan de lijst van gastdocenten die de werkgroep Lopen in het hoger onderwijs vorig jaar ter beschikking heeft gesteld. Ben je docent aan een universiteit of hogeschool en wil je je studenten graag meer kennis bijbrengen over het belang van lopen, hoe je lopen kunt stimuleren of hoe je de openbare ruimte loopvriendelijk en toegankelijk kunt inrichten? Vraag dan een gastdocent!

De volledige lijst met gastdocenten kun je vinden op deze pagina.

Expertise toegankelijkheid
Maureen Walen is een nieuwe gastdocent met als expertise toegankelijkheid. Ze werkt bij expertisecentrum Visio Zicht op Toegankelijkheid en kennisplatform Kennis over Zien en wil zich graag inzetten om haar kennis aan de man te brengen bij studenten.

‘Hoe mooi is het om studenten in het hoger onderwijs mee te nemen in een wereld waar ontwerpen en inrichten niet alleen functioneel is, maar ook inclusief, empathisch en voor iedereen toegankelijk. Het draait om meer dan buitenruimte, gebouwen en beleid – het gaat om mensen, om écht kijken en luisteren. Visio Zicht op Toegankelijkheid kijkt ernaar uit om samen met studenten te verkennen hoe je ruimte maakt, letterlijk en figuurlijk, voor iedereen. Want universeel ontwerpen is geen extraatje — het is de basis van een samenleving waar niemand buiten de lijnen hoeft te vallen.’

Maureen en haar collega’s hebben al ervaring met het geven van zogenaamde Kennis en Bewustwordingssessies aan gemeenten en andere instanties. Dit gebeurt meestal in samenwerking met lokale ervaringsdeskundigen die de situatie in de gemeente goed kennen. Hierbij ontdekken ze regelmatig dat het geen onwil is, maar dat deelnemers vaak  niet realiseren wat toegankelijkheid inhoudt.  Bewustwording is de basis om te komen tot  dialoog en begrip. Daarvoor is een eerste sessie genaamd ‘Introductie Toegankelijkheid’ er. Maar er zijn nog andere type sessies die Maureen in haar repertoire heeft! Neem gerust contact met Maureen op voor vragen of als je meer wilt weten over toegankelijkheid van de openbare ruimte.

Lopen is goud voor de samenleving

Lopen en brede welvaart

Investeren in lopen is investeren in een betere toekomst Wanneer we in lopen investeren, investeren we in gezondheid, leefbaarheid en gelijke kansen voor iedereen. Lopen vormt de kern van bijna alle aspecten van brede welvaart en is een sleutel tot een bloeiende samenleving.

Lopen en gezondheid: een perfecte match

Regelmatig wandelen is een toegankelijke en eenvoudige manier om fysiek actief te blijven. Het is niet alleen goedkoop, maar ook geschikt voor vrijwel iedereen, ongeacht leeftijd of conditie. Volgens het Nationaal Masterplan Lopen heeft wandelen een positieve impact op zowel onze lichamelijke als mentale gezondheid. Een goede wandeling kan stress verminderen, de concentratie verhogen en gevoelens van depressie of angst verlichten.

Door lopen onderdeel te maken van onze dagelijkse routines – of het nu naar school, werk of de supermarkt is – wordt bewegen een vanzelfsprekendheid. Vooral in wijken waar gezondheidsverschillen groot zijn, kan een loopvriendelijke omgeving bijdragen aan gelijke kansen voor iedereen.

Verbindend en inclusief

Een omgeving die uitnodigt om te lopen, vergroot de sociale interactie. Mensen ontmoeten elkaar eerder op straat als ze zich veilig en welkom voelen als voetganger. Lopen nodigt uit tot spontane gesprekken, vergroot het gevoel van veiligheid en versterkt sociale verbinding en welzijn. Bovendien kunnen ouderen, kinderen en mensen met een beperking zich gemakkelijker zelfstandig bewegen in een toegankelijke en overzichtelijke openbare ruimte.

Lopen draagt bij aan persoonlijke ontwikkeling en sociale verbondenheid. Niet iedereen heeft toegang tot een auto of een fiets, maar lopen is altijd een optie. Dit maakt het een sociaal rechtvaardige vorm van mobiliteit. Een veilige en aantrekkelijke loopomgeving biedt mensen letterlijk en figuurlijk meer ruimte om te bloeien.

Economisch verstandig

Hoewel lopen vaak gezien wordt als ‘gratis vervoer’, heeft het ook een enorme economische waarde. Meer voetgangers in winkelgebieden betekent meer levendigheid en meer klanten. Gebieden die goed bereikbaar zijn voor voetgangers trekken meer bezoekers en stimuleren de lokale economie.

Daarnaast leidt meer lopen tot lagere zorgkosten, minder ziekteverzuim en een gezondere mensen op de werkvloer. Investeringen in voetgangersinfrastructuur versterken de toegang tot werk en inkomen. Ons Masterplan pleit er dan ook voor om lopen te erkennen als volwaardige mobiliteitsvorm binnen kosten-batenanalyses en investeringsprogramma’s.

Duurzaam en ruimte-efficiënt

De belichaming van de ultieme vorm van duurzame mobiliteit? Dat is lopen: het veroorzaak geen uitstoot, verbruikt geen fossiele brandstoffen en vraagt relatief ruimte. Hierdoor blijft de leefomgeving schoner en is de luchtkwaliteit beter. In sterk verdichte steden en dorpen is de ruimte vaak schaars, zeker daar is het een groot voordeel. Parkeerplaatsen kosten meters en meters ruimte. Als meer mensen ervoor kiezen om voor korte afstanden de benenwagen te nemen in plaats van de auto, heb je minder verkeersdrukte en een veel betere leefbaarheid. Ook bij klimaatadaptatie speelt wandelen een belangrijke rol: voetgangersvriendelijke straten met groen en schaduw dragen bij aan een gezonde leefomgeving en helpen hittestress te verminderen.

Lopen als hefboom voor brede welvaart

Het Nationaal Masterplan Lopen positioneert lopen als meer dan alleen een manier om van A naar B te komen. Het is een hefboom voor brede welvaart in de volle breedte. Het draagt bij aan gezondheid, veiligheid, inclusie, een prettige leefomgeving, economische vitaliteit, mobiliteit en duurzaamheid. Lopen is dus niet alleen goed voor het individu, maar ook voor de samenleving als geheel.

Door lopen serieus te nemen in ons beleid en de inrichting van onze steden, creëren we ruimte voor meer dan alleen beweging. We creëren ruimte voor welzijn, voor samenleven en voor brede welvaart in de meest volledige zin van het woord. Lees in het Nationaal Masterplan Lopen vanaf pagina 13 over lopen en brede welvaart.

Een rechtvaardige straat voor iederéén: waar beginnen we?

Vorige week stonden we stil bij de Week van de Rechtvaardige Straat, een uitgelezen kans om een belangrijke vraag te onderzoeken: hoe creëren we een straat die eerlijk/rechtvaardig is voor iedereen die deze gebruikt? Het ontwerp van onze straten is namelijk allesbehalve neutraal. Elke beslissing – van de breedte van de stoep tot de indeling van parkeerplaatsen – beïnvloedt wie zich welkom voelt in onze openbare ruimte.

Partner Goudappel belichtte deze kwestie op inspirerende wijze in het artikel “Een rechtvaardige straat: hoe doe je dat?” geschreven door Suzanne Lansbergen. Zij laat zien hoe politieke filosofie ons kan helpen om bewuste keuzes te maken. Drie belangrijke denkrichtingen worden in het artikel besproken: utilitarisme, egalitarisme en sufficiëntarisme.

drie denkkaders die de toekomst van straatontwerp bepalen

  • Utilitarisme: De meeste mensen, het grootste nut. Een busbaan die duizenden reizigers sneller naar hun bestemming brengt, kan belangrijker zijn dan het ongemak voor een paar automobilisten.
  • Egalitarisme: Gelijkheid voorop. Dit betekent extra aandacht voor kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals voetgangers, kinderen en mensen met een beperking.
  • Sufficiëntarisme: Een minimum voor iedereen. Dit vertaalt zich naar minimale normen voor ruimte, veiligheid en bereikbaarheid voor álle gebruikers van de straat.

Deventer als inspirerend voorbeeld van rechtvaardigheid

In Deventer hebben ontwerpers deze drie principes toegepast op hetzelfde kruispunt, wat leidde tot drie totaal verschillende ontwerpen, elk met een unieke kijk op rechtvaardigheid:

  • Utilitaristisch: Meer ruimte voor actieve mobiliteit richting het centrum.
  • Egalitaristisch: Veilige oversteekplaatsen en lagere snelheden.
  • Sufficiëntaristisch: Minimale maatvoering volgens STOMP (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer).

Deze aanpak laat zien dat er niet één juiste keuze is. Door openhartig te praten over wat rechtvaardigheid betekent, creëren we meer begrip en ruimte voor alternatieve oplossingen. Rechtvaardigheid in het straatontwerp is essentieel om een inclusieve en toegankelijke openbare ruimte te waarborgen. Door de verschillende denkrichtingen te overwegen, kunnen we ontwerpen ontwikkelen die rekening houden met de behoeften van alle gebruikers. Het gaat erom dat niemand wordt uitgesloten en dat iedereen zich veilig en welkom voelt in de straat. Door deze fundamentele vragen te stellen en gesprekken te voeren over rechtvaardigheid, kunnen we samen werken aan een toekomst waarin onze straten eerlijk en leefbaar zijn voor iedereen.

Terugblik op bijeenkomst Lopen naar ov-halte

CROW hield op donderdag 27 maart in Utrecht een bijeenkomst over lopen naar ov-haltes. Hierbij waren zowel werknemers van vervoerders als ambtenaren van gemeenten, provincies en vervoerregio’s aanwezig om kennis en ervaringen te delen. We kijken terug op drie interessante presentaties en een levendige discussie.

Emile Oostenbrink van CROW haalde in zijn presentatie het werk van Helge Hillnhütter aan over het belang van een aantrekkelijke looproute naar de ov-halte. Daarnaast besprak hij de ontwerpeisen uit de Ontwerpwijzer voetgangers. In de discussie hierover kwam ook het design for all-principe ter sprake. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk om voldoende bankjes te plaatsen in het kader van de ontwerpeis ‘begaanbaarheid’. De gemeente Amsterdam heeft onlangs de beleidsregel ingesteld dat de inrichting van de openbare ruimte prettig moet zijn voor jonge vrouwen. Hierachter gaat dezelfde gedachte van design for all schuil, maar dan specifiek gericht op sociale veiligheid.

Zebrapad over HOV-baan

De presentatie van Mark Degenkamp (Vervoerregio Amsterdam) richtte zich op de regionale aanpak van de vervoerregio voor lopen. Onderdeel daarvan zijn data-analyse om zwakke plekken in kaart te brengen en gedragsinterventies. In de discussie ging het onder andere over het feit dat een zebrapad over een busbaan steeds meer als een plus wordt beschouwd. Dat geeft aan dat professionals steeds vaker kijken naar de hele mobiliteitsketen, in plaats van naar één schakel. Een ander discussiepunt was het kruisen van netwerken. Wat gebeurt er als een hoofdlooproute of doorfietsroute kruist met een HOV-lijn? Dat kan immers leiden tot lang doorwerkende vertragingen in het ov.

100 opstapplaatsen in plaats van 35 haltes

Tot slot informeerde Peter Heuven van de gemeente Schouwen-Duivenland de deelnemers over de investeringen in de combinatie ov en loopvriendelijke infrastructuur op het Zeeuwse eiland. Hierbij kijkt de gemeente niet naar aparte haltes maar naar de hele ov-keten. Peter vertelde onder andere over de omslag naar vraaggestuurd openbaar vervoer, als onderdeel van het Wmo-vervoer, wat de mogelijkheid biedt om opstapplaatsen te creëren op locaties die logisch zijn voor de gebruikers. Voor de reizigers is het grote voordeel dat er nu meer dan 100 opstappunten zijn in plaats van 35 haltes. Ook kwam het transferium in Renesse aan de orde met de aantrekkelijke looproute die de voetgangers als vanzelf naar de dorpskern leidt.

Lopen in het kader van toegankelijkheid

Uit de discussie kwam onder meer naar voren dat gemeenten looproutes naar ov-haltes vooral bezien vanuit het thema toegankelijkheid. Eindhoven heeft inmiddels een masterplan tot 2050 met daarin een voetgangersnetwerk en een HOV-netwerk die elkaar kruisen op bepaalde plekken. Er is budget vrijgemaakt en een ambtenaar is begonnen met de uitvoering van het beleid. Ook de gemeente Groningen heeft een visie op lopen ontwikkeld die zich met name richt op woonwijken. De route naar de ov-halte is een van de vervolgstappen. De uitdaging is nog waar te beginnen.

Verkenning baten loopvriendelijke gebiedsontwikkeling verschenen

CROW heeft een publicatie uitgegeven met relevante kennis en inspiratie over de baten van investeren in een loopvriendelijke openbare ruimte bij gebiedsontwikkeling. Hierbij ligt de nadruk op woningbouw.

Uit een eerdere verkenning naar de baten van investeren in een loopvriendelijke openbare ruimte kwam naar voren dat het waardevol zou zijn om partijen die betrokken zijn bij gebiedsontwikkeling inzicht te geven in de baten van investeren in een loopvriendelijke omgeving.

Dit betreft zowel baten voor henzelf als voor de maatschappij. CROW heeft Decisio en Molster Stedenbouw een verkenning laten uitvoeren naar die baten. Ook om inzicht te krijgen in wat er nodig is om gebiedsontwikkelaars te stimuleren de omgeving loopvriendelijk in te richten.

Bewustzijn creëren

Deze publicatie biedt een overzicht van de beschikbare kennis en onderbouwing over de baten van investeren in loopvriendelijke omgevingen voor partijen die betrokken zijn bij gebiedsontwikkeling.

Daarmee hopen we ook meer bewustzijn te creëren van de voordelen van investeren in loopvriendelijke omgevingen. De publicatie biedt ook een aanzet voor een set richtlijnen voor loopvriendelijke gebiedsontwikkeling en een aantal inspirerende voorbeelden. Het gaat daarbij om

  • bouwen in hoge dichtheid om de nabijheid van functies te bevorderen
  • een fijnmazig netwerk van looproutes dat aansluit op de omgeving en voorziet in korte, directe routes naar bestemmingen en mogelijkheden voor ommetjes en langere wandelingen
  • een goed aanbod van publiek vervoer, zodat mensen voor grotere afstanden niet afhankelijk zijn van de (eigen) auto
  • een goede kwaliteit van de looproutes zelf, wat betreft directheid, begaanbaarheid, leesbaarheid, veiligheid en aantrekkelijkheid (de kwaliteitseisen uit de Ontwerpwijzer voetgangers).

Tot slot noemen we een aantal gewenste vervolgstappen om gebiedsontwikkelaars te stimuleren te investeren in loopvriendelijke gebiedsontwikkelingen.

Download de publicatie.

Doe mee aan enquête over toegankelijkheid in gemeenten

Hoe gaan gemeentelijke professionals om met de toegankelijkheid van de openbare ruimte? Betrekken zij ervaringsdeskundigen bij hun plannen? Hebben zij eisen vastgelegd in de gemeentelijke organisatie? CROW wil graag meer inzicht krijgen in de keuzes die gemeenten maken op dat vlak.

In het kader van haar afstudeerstage bij CROW heeft Lonneke Jaspers, vierdejaarsstudent International Spatial Development aan de BUas in Breda, een enquête opgesteld over de fysieke toegankelijkheid in gemeenten. De resultaten gebruikt CROW om de producten en activiteiten nog beter aan te laten sluiten bij wat gemeenten nodig hebben.

De vragenlijst is bedoeld voor gemeentelijke professionals die zowel actief zijn op beleidsniveau als op uitvoerings- en/of beheerniveau. Het invullen van de enquête duurt zo’n 10 tot 15 minuten (afhankelijk van de functie) en kan nog tot 14 april. Doe je mee? Daar doe je Lonneke en CROW een groot plezier mee.

Dit is de link naar de enquête.

Alvast bedankt voor het invullen en/of doorsturen! 

Vragen?

Neem contact op met Lonneke via lonneke.jaspers@crow.nl

Succesvolle NML-bijeenkomst van 20 maart

Nationaal Masterplan Lopen meeting

Van galmende gangen tot stevige stappen. Het Nationaal Masterplan Lopen heeft een vliegende start gemaakt. Dat werd meer dan duidelijk tijdens de allereerste gezamenlijke NML-sessie op donderdag 20 maart. In het sfeervolle Academiegebouw van de Universiteit Utrecht kwamen meer dan zestig partners samen – een bijeenkomst die net zo veel energie gaf als een frisse wandeling.

Nieuwe gezichten, nieuwe energie

De opkomst bestond uit een krachtige mix van bekende partners en enthousiaste nieuwkomers. Sinds de officiële lancering van het NML in oktober 2024 hebben zich maar liefst twaalf nieuwe partijen aangesloten. Daaronder de gemeenten Dordrecht, Harderwijk, Leiden en Leusden én organisaties zoals Arup, Decisio, Mobycon, OKRA, SmartwayZ, Ruimte voor Bewegen, Stichting Blue Zones en ZorgSaamWonen.

Nieuwe verbindingen ontstonden spontaan, ideeën werden direct uitgewisseld. Het netwerk groeit – en daarmee ook onze slagkracht.

Van kennis naar actie

De bijeenkomst trapte af met een update over de stand van zaken. De eerste City Deal Ruimte voor Lopen is afgerond, na vier jaar intensief samenwerken. Er is enorm veel kennis gedeeld en vernieuwd. De resultaten zijn gebundeld in een uitgebreide eindrapportage. Maar stilzitten? Geen denken aan. Er komt een vervolg: de CityDeal wordt met twee jaar verlengd. Meedoen kan nog tot eind maart.

‘NML in actie!’: stappen zetten met elkaar

Tijdens het interactieve programmaonderdeel ‘NML in actie!’ kwam het Masterplan écht tot leven. In een flitsintroductie werden de al gestarte acties gepresenteerd. Daarna volgde een ‘gallery walk’ – langs flipovers vol plannen en ideeën, waar deelnemers suggesties en input achterlieten voor de coördinatoren.

Samen verder bouwen

Het programma bracht deelnemers letterlijk in beweging. In kleine groepen gingen ze, al wandelend, aan de slag met concrete uitkomsten:

  • Een menukaart voor lokale verkiezingsprogramma’s
  • Een overzicht van rollen binnen overheden
  • Vernieuwende ideeën om lopen een plek te geven in gebiedsontwikkeling

Ook praktijkvoorbeelden passeerden de revue, zoals de looptijdenkaart in Rotterdam en de rol van NS bij het voetgangersvriendelijk maken van stationsomgevingen.

Op weg naar 2030

De eerste gezamenlijke sessie van het Nationaal Masterplan Lopen was meer dan een inspirerende middag. Het was een signaal. Het plan is geland. Partners zijn aan boord. De acties zijn gestart. De energie is voelbaar. Lopen krijgt letterlijk en figuurlijk de ruimte.

Het NML is in beweging – en blijft dat.

Voetgangersbeleid Westland aangenomen: meer ruimte voor de voetganger

Voetgangersbeleid Westland - voetgangers in gebied

De gemeenteraad van Westland heeft het eerste voetgangersbeleid van de gemeente vastgesteld. Dit betekent een belangrijke stap naar een veiliger, toegankelijker en aantrekkelijker Westland voor voetgangers. Met dit beleid erkent de gemeente lopen als volwaardig vervoersmiddel en zet ze in op betere infrastructuur en een fijnere leefomgeving voor iedereen.

Amendement: extra aandacht voor toegankelijke en veilige routes

Bij de vaststelling van het voetgangersbeleid is een amendement aangenomen dat extra aandacht vraagt voor de toegankelijkheid en veiligheid van looproutes. Dit betekent concreet dat de extra middelen worden ingezet om voetpaden beter begaanbaar te maken en om ontbrekende schakels in het wandelnetwerk aan te pakken. De gemeenteraad onderstreept hiermee het belang van een inclusieve openbare ruimte waarin iedereen zich veilig en prettig kan verplaatsen.

Duidelijke ambities en concrete doelen

Het voetgangersbeleid is opgebouwd rond drie pijlers:

  • Ruim, veilig, bereikbaar en toegankelijk: Een veilig en compleet loopnetwerk waar voetgangers de ruimte krijgen.
  • Aantrekkelijk en vanzelfsprekend: Lopen moet een prettige en logische keuze zijn, door een groene en uitnodigende inrichting van de openbare ruimte.
  • Sociaal en actief: Stimuleren van wandelen als sociale en gezonde bezigheid, met aandacht voor ontmoetingsplekken en wandelroutes.

Investeringen en uitvoering

De gemeente investeert de komende jaren in het verbeteren van trottoirs, het aanleggen van ontbrekende wandelverbindingen en het vergroten van de toegankelijkheid van voorzieningen. Ook richt ze de pijlen op gedragsverandering, bijvoorbeeld door campagnes die inwoners stimuleren om vaker te lopen. In 2028 volgt een evaluatie om te meten in hoeverre de doelen zijn behaald.

Wat betekent dit voor inwoners?

Westlanders zullen de komende jaren merken dat lopen prettiger en veiliger wordt. Denk aan beter onderhouden trottoirs, veiligere oversteekplaatsen en aantrekkelijkere wandelroutes door de dorpskernen en richting natuurgebieden. De gemeente zet hiermee een stap naar een toekomst waarin lopen een vanzelfsprekende keuze is.

Met dit beleid groeit Westland niet alleen uit tot een voetgangersvriendelijke gemeente, maar draagt ze ook bij aan een gezondere, duurzamere en socialere leefomgeving voor iedereen.

Meer weten over het voetgangersbeleid van Westland? Bekijk deze Linkedin-post van Isabeau Vellekoop met daarin de pdf met het hele beleidsplan.

Voetgangers en fietsers: de stille kracht achter een sterke binnenstad. Zo zegt Verplaatsings- en Bestedingsonderzoek

Mobiliteit speelt een cruciale rol in de levendigheid en economische kracht van stadscentra. Het Verplaatsings- en Bestedingsonderzoek 2024 leert ons meer over vervoerswijze en bestedingen. Wat is de relatie ertussen? Hoofdconclusie is in ieder geval dat voetgangers en fietsers een onmisbare bijdragen leveren aan de economie van binnensteden. Maar hoe zit dat precies?

Meer bezoeken, hogere bestedingen per bezoeker

Voetgangers en fietsers hebben een korte reistijd en komen vaker naar het centrum dan autobezoekers. Uit het onderzoek komen de volgende punten naar voren:

  • Voetgangers komen gemiddeld uit de directe omgeving en hebben een reistijd van zo’n 12 minuten. Ze bezoeken het centrum het vaakst, blijven kort en besteden per bezoek minder. Toch zorgen hun vele bezoeken ervoor dat hun totale bestedingen groot zijn.
  • Fietsers reizen iets verder dan voetgangers en komen minder vaak, maar geven per bezoek meer uit. Ook zij zijn trouwe bezoeker van hun eigen stadscentrum.
  • Autobezoekers besteden per bezoek het meest, maar komen minder vaak dan voetgangers en fietsers.

Wanneer je kijkt naar de totale omzet per bezoeker, blijkt dat je voor de bestedingen van 500 voetgangers 1.000 autobezoekers nodig hebt. Dit betekent concreet dat voetgangers en fietsers samen een cruciale economische pijler vormen voor stadscentra.

De juiste balans in de openbare ruimte

De discussie over mobiliteit en binnenstadseconomie wordt volgens het Verplaatsings- en Bestedingsonderzoek vaak versimpeld tot de vraag: “Welke bezoeker levert de meeste omzet op?” Hier kan het onderzoek geen eensluidend antwoord op geven. Eén ding staat wél als paal boven water: de functie van een stadscentrum bepaalt welke vervoersmiddelen het meest relevant zijn. Bij veel middelgrote en kleinere steden neemt de regiofunctie af, er komen minder bezoekers vanuit de wijde omgeving. Ze moeten zich dus steeds meer richten op hun eigen inwoners. Deze groep komt veelal te voet of op de fiets, daarom is het economisch slim om te investeren in deze vervoersmiddelen. Grote steden halen daarentegen mensen van heinde en ver binnen, dus is het verstandig om ook goed bereikbaar te blijven met de auto.

Benieuwd naar alle conclusies? En welke handvatten dat biedt? Lees het hele Verplaatsings- en Bestedingsonderzoek van 2024.

>