Deze leidraad biedt een afwegingskader waarmee het voor voetgangers meest geschikte type woonstraat kan worden gekozen. Daarbij is het uitgangspunt dat de straat toegankelijk, veilig en aantrekkelijk moet zijn voor alle voetgangers en desgewenst ook voor verblijfsactiviteiten zoals spelen en ontmoeten.
Bij het ontwerp van woonstraten komt veel kijken. De verschillende functies en voorzieningen leggen een beslag op de ruimte. Naast de verkeersfuncties voor voetgangers en rijdend verkeer, hebben woonstraten deels ook een speel- en ontmoetingsfunctie en moet er vaak ruimte zijn voor overige functies. Denk daarbij aan parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, voorzieningen van nutsbedrijven en vuilniscontainers. Lang niet altijd is er voldoende ruimte voor al deze functies tegelijk.
Geregeld worstelen gemeenten met de vraag hoe ze het beste het voetgangersverkeer en de verblijfsfuncties een plek kunnen geven in een woonstraat. Daarbij komen diverse vragen aan de orde. Wanneer is het verantwoord om voetgangers met het rijdend verkeer te mengen? Wanneer is het veilig voor kinderen om te spelen tussen het rijdend verkeer? Wat is dan een gepaste maximumsnelheid voor het verkeer? Kan nog altijd het erfregime worden toegepast? En zijn 30 km/h-straten zonder voetpaden die niet als erf zijn ingericht wel een goede optie? Deze leidraad geeft antwoord op de vragen.
De conclusie: er is in het begin een keuze uit drie inrichtingstypes:
- Niet mengen voetgangers en rijdend verkeer, dus naast de rijbaan gelegen voetpaden die voldoende breed zijn.
- Mengen voetgangers en rijdend verkeer, dus erfregime en maximaal 15 km/h.
- Geen rijdend verkeer, dus voetpad of voetgangerszone.
Een type woonstraat zonder voetpaden en met een maximumsnelheid hoger dan 15 km/h wordt afgeraden, omdat mengen van voetgangers en rijdend verkeer vanwege de te hoge snelheid onvoldoende veilig is voor voetgangers en verblijfsactiviteiten.
Deze leidraad is opgesteld als vervolg op de CROW-publicatie Verkenning woonerven 2.0.
Het betreft uitgebreid programma van aanpak waarin de vermindering van automobiliteit en de vergroting van de leefbaarheid van de stad Oslo in Noorwegen wordt uiteengezet. Verschillende methodes waaronder de focus op leefbaarheid en verblijven in de openbare ruimte worden beschreven als uitgangspunt om onder andere meer actieve mobiliteit te stimuleren.
Dit document betreft een nationaal plan om Schotland meer aan het lopen te krijgen. Dit actieplan geeft per beleidsterrein waarom en hoe lopen gestimuleerd moet worden.
Omgevingsvisie van de provincie Utrecht die, naast veel andere onderwerpen, ook de aantrekkelijkheid voor de voetganger benoemd te willen verbeteren om het klimaat en publieke ruimte te verbeteren.
HET COLLEGE VAN RIJKSADVISEURS & FELIXX LANDSCAPE ARCHITECTS & PLANNERS ONDERZOCHTEN DE MOGELIJKE ROL VAN LOPEN IN DE STEDELIJKE OMGEVING.
De potentie van lopen is groot. Het is misschien niet de snelste en volgens sommigen ook niet de meest comfortabele manier om ons te verplaatsen, maar wel de enige waarvoor we geen vervoermiddel nodig hebben. Meer lopen beperkt daardoor de invloed van onze verplaatsingen op de omgeving. Ruimte voor lopen creëert daardoor ruimte in de stad, die kan ingezet worden voor tal van maatschappelijke opgaven. Toch wordt de voetganger vaak vergeten bij de inrichting van onze openbare ruimte. Dit ontwerpend onderzoek is ontwikkeld in nauwe samenwerking met stadspsycholoog Sander van der Ham – STIPO. Het maakt de voordelen van lopen inzichtelijk en laat zien wat dit betekent voor de inrichting van onze bebouwde omgeving.
Download Naar een gezonde stad te voet
De Leidraad Openbare Ruimte is een inspiratiedocument, die een nieuwe blik geeft op de openbare ruimte. Het document is ook een handleiding die de verschillende straten en buurten van de gemeente typeert met bijbehorende ontwerpprincipes en maatregelen. Echter de Leidraad is ook een instrument om samen aan een toekomstbestendige openbare ruimte te werken voor iedereen. Een betoog voor een ideaal proces. Het document laat namelijk zien welke dimensies noodzakelijk zijn voor een kwalitatieve en gewaardeerde openbare ruimte. En dat er tijdens het (ontwerp)proces gezamenlijk afgewogen keuzes worden gemaakt. Zowel op de schaal van de straat, buurt of stad, maar ook in dienst van de verblijfskwaliteit van de openbare ruimte, een goede bereikbaarheid, klimaatdoelstellingen, etc.
Klik voor meer informatie en de volledige ontwerpleidraad
Een weeting (walk your meeting, een vraag mee op pad nemen, een ommetje tijdens werktijd, een walkshop (wandelende workshop) of wandelende brainstorm. Er zijn vele manieren om je werk lopend uit te voeren. De werkgroep Lopend Werken brengt dit bij werkend Nederland onder de aandacht.
Er is toenemend aandacht voor het belang van beweging en buiten. Over heel het land zijn er verschillende initiatieven die lopen stimuleren en verleiden om te lopen. Een overzicht van deze initiatieven faciliteert beleidsmedewerkers bij de zoektocht naar het meest passende initiatief voor de betreffende gemeente of organisatie. In samenwerking met de deelnemende partijen van de City Deal Ruimte voor Lopen maken we bekende initiatieven inzichtelijk. Heb jij een initiatief dat hier ook bij hoort? Laat je horen!
Door de voetganger centraal en voorop te stellen bij gebiedsontwikkeling en op project- en straatniveau realiseer je loopvriendelijke gebieden die uitnodigen tot lopen. En deze gebieden groeien op termijn uit tot de ideale voetgangersstad.
Schaalniveaus:
- BO MIRT gebiedsagenda’s
- Omgevingsvisie
- Gebiedsgericht/projectniveau
- Onderhoud/straatniveau
Dit proefschrift van Rob Methorst biedt inzicht in wat er bekend is over voetgangers, wandelen en verblijven in de openbare ruimte, en over effectief en eerlijk beleid om de omstandigheden in dit opzicht te bestendigen en te verbeteren. Het is bedoeld als krachtige informatie voor beleidsvorming ter verbetering van de voetgangers-, wandel- en verblijfsomstandigheden als bron van rijkdom en welzijn. Het proefschrift behandelt ten eerste de aanpak van het onderzoek met betrekking tot de vier onderzoeksvragen (methodologie). Vervolgens worden in vier hoofdstukken de onderzoeksresultaten gepresenteerd: relevante conceptuele modellen om het voetgangerssysteem in beeld te brengen, eisen aan voorzieningen en condities voor voetgangers, de status quo van het wandel- en verblijfssysteem, en hoe beleid voor verbeteringen in gang kan worden gezet. Het proefschrift wordt afgesloten met een hoofdstuk met conclusies en discussie. Belangrijke achtergrondinformatie is vastgelegd in twaalf bijlagen, waarvan de laatste twee bijlagen artikelen bevatten die in wetenschappelijke tijdschriften zijn gepubliceerd.
Het volledige document is te downloaden vanaf de websites van de TU Delft en MENSENSTRAAT
De coverillustratie van het proefschrift is gemaakt door: Brand Matters Creatives en Paulien van de Kamp