Wat vinden voetgangers een acceptabele afstand om te lopen? En welke factoren beïnvloeden dit? Deze informatie is belangrijk om bijvoorbeeld vast te kunnen stellen of belangrijke voorzieningen voldoende bereikbaar zijn en of er in een gebied voldoende voorzieningen op loopafstand beschikbaar zijn. In de CROW publicatie ‘Inzicht in acceptabele loopafstanden’ is de actuele kennis over acceptabele loopafstanden uiteengezet en toegelicht. Er wordt een samenvatting gegeven van de uitkomsten en conclusies van een onderzoek van DTV Consultants naar de nieuwste inzichten over dit onderwerp. Ook wordt een relatie gelegd met relevante informatie uit andere literatuur. En er is een enquête gehouden onder professionals waaruit onder meer blijkt dat zij de voorkeur geven aan het uitdrukken van de acceptabele loopafstand in “tijd in minuten” in plaats van in “meters”. Dat laat ruimte voor interpretatie en keuzes van de gebruiker van de cijfers, en geeft daarom handvatten voor maatwerk (bijvoorbeeld rekenen houden met een lagere loopsnelheid bij ouderen).
Alle onderzoeksresultaten en actuele kencijfers inclusief achtergrondinformatie zijn hieronder te downloaden.
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft in samenwerking met de andere wegbeheerders en in afstemming met maatschappelijke organisaties en kennisinstituten het ‘Protocol Stedelijke Mobiliteit in een anderhalvemeter-samenleving versie 7 mei 2020’ opgesteld.
Het weer opstarten van verschillende sectoren brengt een toenemende mobiliteitsvraag met zich mee die op een veilige manier en met anderhalve meter afstand moet kunnen plaatsvinden. Dit protocol gaat in op hoe de stedelijke mobiliteit kan gaan werken in de nieuwe anderhalvemeter-maatschappij, zodat verspreiding van COVID-19 zo goed mogelijk beperkt wordt. Het protocol heeft betrekking op grote en kleine steden, dorpen, kernen die op korte afstand van elkaar liggen. Kortom, op alle gemeenten van Nederland.
Dit is een handleiding en een drietal tools bedoeld voor het toetsen van de kwaliteit van bestaande looproutes of als hulp bij de realisatie van nieuwe looproutes.
De kennis over de kwaliteit van looproutes maakt onderdeel uit van de online kennismodule van CROW.
Wat zijn acceptabele loopafstanden? Het doel van dit project is om te komen tot een actueel, volledig en onderbouwd inzicht in wat als acceptabele loopafstand (of looptijd) wordt beschouwd. Ook worden alle factoren die van invloed zijn op wat als acceptabele loopafstand wordt beschouwd, in beeld gebracht.
Het project vindt plaats in het kader van de herziening van het ASVV (aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom). Het doel daarbij is om de tot nu toe gehanteerde cijfers tegen het licht te houden. Er wordt hierbij afgestemd met het KIM-project over acceptabele loopafstanden.
Wat maakt dat lopen prettig, leuk en inspirerend is? Dit onderzoek heeft als doel om meer inzicht te krijgen in de aspecten die van invloed zijn op de beleving van looproutes.
Het project moet leiden tot een publicatie die betrokkenen uit het werkveld handreikingen biedt bij het ontwerpen en inrichten van infrastructuur voor voetgangers.
Naast een beschrijving van de impact en definitie van de kwaliteitseis ‘aantrekkelijkheid’ zal de focus in de publicatie vooral liggen op de parameters die op de eis van invloed zijn en de uitwerking van deze parameters in aspecten. Het gaat dan om aspecten als onder meer afwisseling en verrassing, bescherming tegen weer en wind, sociale controle, levendigheid van de omgeving, kwaliteit van de ruimtelijke omgeving, relatie tussen inrichting en verwachtingspatroon, vindbaarheid, oriëntatie-mogelijkheid.
Dit project doet aanbevelingen over onder welke condities fietsers en voetgangers verantwoord gemengd gebruik kunnen maken van de openbare ruimte uit oogpunt van veiligheid, toegankelijkheid en beleving. Met name in gebieden waar in grote getalen fietsers en voetgangers aanwezig zijn.
De aanbevelingen kunnen onder andere betrekking hebben op wanneer fietsers wel of niet worden toegelaten in voetgangersgebieden, op maatregelen hoe fietsers kunnen worden geweerd uit straten en gebieden, op condities onder welke fietsers en voetgangers op een verantwoorde manier kunnen worden gecombineerd, op inrichtingsmaatregelen die genomen kunnen worden als fietsers en voetgangers worden gemengd en op welke intensiteiten gecombineerd kunnen worden met welke wegbreedtes.
Hoe kan fiets- en voetgangersverkeer op geregelde kruispunten slimmer afgewikkeld worden? Het doel van het project is het verkennen van de mogelijkheden hiervoor. Slimmer in termen van fiets- en voetgangersvriendelijkheid, veiliger en een minimale cyclustijd.
De verkenning moet een publicatie opleveren met voorlopige aanbevelingen. Daar waar uit de verkenning kennisleemtes of kansen voortkomen zullen onderzoeken of pilots worden gestimuleerd. Deze kunnen leiden tot aanscherping of uitbreiding van de aanbevelingen.
Hoe zorgen we ervoor dat er geen obstakels zijn in de voor lopen bestemde ruimten. Deze obstakels gaan ten koste van de veiligheid, toegankelijkheid en aantrekkelijkheid. Denk hierbij aan palen, gestalde fietsen, terrassen, vuilnisemmers en reclameborden.
Dit project moet leiden tot aanbevelingen over hoe te zorgen dat er geen obstakels zijn in deze ruimten. Het gaat daarbij om ontwerp, beheer en handhaving.
“Hoe kunnen we gemeenten helpen bij de herverdeling van de openbare ruimte ten gunste van actieve mobiliteit, zoals lopen en fietsen?” Het doel van dit project is om invulling te geven aan deze kennisvraag.
Het gaat hierbij om het concretiseren van de ruimteclaim voor lopen, ook in relatie tot de ruimteclaim van andere modaliteiten. Een eerste stap is het inventariseren van cases op het gebied van de herverdeling van de openbare ruimte ten gunste van de actieve mobiliteit. De onopgeloste cases worden dan gebruikt om kennisbijeenkomsten te organiseren om de case mogelijk een stapje verder te brengen.
Steden en dorpen zijn de plekken waar ruimte voor lopen tot uitvoering moet worden gebracht. Omdat gemeenten veelal met dezelfde opgaven te maken hebben zijn we een samenwerking gestart om kennis uit te wisselen.
In dit traject wordt er kennis uitgewisseld tussen steden om samen slimmer te worden en indien wenselijk samen onderzoeksopgaven op te pakken.
Tussen 2010 en 2017 zijn Nederlanders 4,1% meer gaan lopen. Dit blijkt uit de brochure Loopfeiten van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM). Nederlanders zijn met name vaker en verder lopend onderweg voor vrijetijdsdoeleinden. De groei voor vrijetijdsdoeleinden is veel sterker voor vrouwen dan voor mannen (1,75 keer). De groei in lopen wordt voornamelijk veroorzaakt door mensen boven de 50 jaar. Voor kinderen tot 12 jaar en volwassenen tussen de 30 en 50 jaar is juist sprake van een kleine afname in loopafstand.
Het openbaar vervoer moet voor iedereen toegankelijk zijn, ongeacht beperking of handicap. Mensen met een beperking geven aan te merken dat het OV Zelf steeds toegankelijker wordt, maar dat geldt nog niet voor de omgeving van stations en haltes. Verbetering daarin is een voorwaarde voor het gebruik van het OV. In dit project worden er concrete verbetervoorstellen opgesteld voor vijf stations, inclusief de stationsomgeving.
In 2018 is er een project uitgevoerd in opdracht van het Ministerie van I&W waarbij 5 stations en hun omgeving beoordeeld zijn op toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Dit onderzoek heeft 2 checklijsten opgeleverd, één voor gebruikers en één voor professionals. Deze twee checklijsten kunnen gebruikt worden met ervaringsdeskundigen en professionals om de toegankelijkheid van de stations(omgeving) te onderzoeken. Dit pilotproject toegankelijkheid van stations en stationsomgevingen is een vervolg op dit onderzoek uit 2018.
In het huidige project zullen verschillende partijen samenwerken aan een aantrekkelijke en toegankelijke route, voor iedereen. In de pilots worden er concrete oplossingen bedacht voor de geconstateerde gebreken bij de toegankelijkheid van het betreffende stationsgebied. Er worden vijf locaties geselecteerd waar binnenkort sprake is van een nieuw ontwerp, herinrichting of geplande werkzaamheden.
Wat hopen we te bereiken met deze pilots?
Een procesaanpak dat ook in andere steden kan worden toegepast. De afronding van dit project wordt voorzien in de eerste helft van 2020.