Interventie Evaluatie Workwalk

Dit afstudeerrapport doet verslag van een onderzoek naar de mogelijkheden om een gedragsverandering te bewerkstelligen van medewerkers van de Tilburg University en ze meer gebruik gaan maken van de bestaande interventie Workwalk. Doel is om zo de vitaliteit en welzijn van de medewerkers te verhogen en hen een mogelijkheid te bieden om meer te kunnen bewegen tijdens werktijd.

Geschikte en aantrekkelijke openbare ruimte voor de oudere doelgroep

Het doel van dit onderzoek was om inzichtelijk te maken welke factoren van invloed zijn op de aantrekkelijkheid van de openbare ruimte om hier fysiek actief te zijn. Vervolgens is met deze kennis een specifiek gebied in de gemeente Utrecht onderzocht. Ook is onderzocht hoe het bewonersperspectief inzichtelijk te krijgen zodat deze kan worden betrokken in gemeentelijke besluitvorming. Om dit inzichtelijk te maken is voor dit onderzoek een kaartmethode ontwikkelt waarmee met bewoners naar de eigen buurt is gekeken. Vervolgens is gereflecteerd op deze methodiek.

De succesfactoren van de openbare ruimte

In dit afstudeerrapport is verslag gedaan van een onderzoek naar de waarden van de openbare ruimte. Het doel is om stadsmakers, iedereen die te maken heeft met de ontwikkeling van een stedelijk gebied, te laten inzien dat er samen moet worden gewerkt om de kwaliteit van de openbare ruimte te waarborgen. Hiervoor is elk aspect waar de openbare ruimte invloed op heeft behandeld. Daarna is weergegeven hoe één aspect van een thema toegepast kan worden op een ontwerpopgave in de openbare ruimte.

Een onderzoek naar welke sfeerbeelden een stimulerend effect hebben op het verplaatsingsgedrag van de voetganger

In dit afstudeeronderzoek zijn de effecten van omgevingsaspecten en sfeerbeelden op het verplaatsingsgedrag van de voetganger verkend. Doel is dat lokale overheden beter in staat zijn om looproutes naar wens van de voetganger in te richten. Dit is in kaart gebracht door gebruik te maken van zowel kwalitatieve als kwantitatieve onderzoeksmethoden (literatuurstudie, expert interviews en een enquête).

Loopkaarten Kookboek

De City Deal ‘Werkgroep lopen, data en OV’ onderzoekt, samen met het ministerie van IenW, hoe gemeenten loopnetwerken kunnen ontwikkelen op basis van data. De resultaten van dit onderzoek zijn sinds eind vorig jaar beschikbaar. Dit ‘Loop kaarten Kookboek’ beschrijft openbare data als ingrediënten voor recepten die je als gemeente kunt ontwikkelen, toegespitst op je doelen. En het bevat een aantal recepten, combinaties van data die voor alle gemeenten relevant zijn, zoals looproutes & OV haltes.

Track Landscape maakte in opdracht van de City Deal een aantal thema kaarten voor Groningen, Nijmegen en Tilburg. De bedoeling is dat het overzicht aan themakaarten, een basis geeft voor een prioritering van loopthema’s in je stad. Welke themakaarten vormen je hoofdingrediënten? En met welke andere kaarten/ingrediënten kun je deze goed combineren?

Het maken van een loopvriendelijke stad is een transformatie die begint met inzicht in de huidige situatie; de manier waarop loopbelangen zijn vormgegeven in de stad. Die brengen we in dit ‘kookboek’ letterlijk in kaart. Je kunt de kaarten zien als mogelijke ingrediënten, waarmee een (ruimtelijke) agenda voor een loopvriendelijkere stad bereid kan worden. 

Stap 1: Basiskaarten van loop-relevante informatie.

Met aspecten die gaan over looproutes (paden, oversteken, omgeving, zitgelegenheid,…), loopbestemmingen (winkels, OV, werk, school,…), vertrekpunten (station, bushalte, huis,..) en lopende mensen (kinderen, ouderen,..).

Stap 2. Van kaarten naar kansen  

Door kaarten slim te combineren, kunnen loop-knelpunten gevonden worden. Zie het vormgeven van de loopvriendelijke stad als een vorm van acupunctuur: probeer op gerichte plekken maatregelen te nemen, die specifieke loopomstandigheden verbeteren. Bij toekomstige gebiedsontwikkelingen in de stad kunnen de loop-basiskaarten een grondlegger vormen om voetgangersbelangen te herkennen, en door te ontwikkelen. 

Stap 3. Een prioritaire loopnetwerkkaart 

De kaartinformatie biedt ook de basis voor een beoogd stadsdekkend loopnetwerk, van consistente, hoogwaardige looproutes. Deze netwerkkaart is een verbindend middel waarin ook grotere investeringen kunnen worden opgenomen, en beweegvriendelijke maatregelen in de loop der tijd, in samenhang met elkaar kunnen worden genomen. Beleidsmedewerkers kunnen tijdig pleiten voor opwaardering van voetgangersruimte waar dit het meest urgent is. 

Track landscapes maakte een samenvatting en een rapport voor:

Lees meer over het loopkaarten kookboek in Magazine LOPEN

Mart Reiling van Track Landscape legde in Magazine Lopen uit hoe je deze kaarten kunt inzetten. ‘Openbaar beschikbare data zijn goudmijn voor effectief loopbeleid: gebruik ze!’

Lees het artikel online.


Kosten en baten investeren in lopen – Verkenning recente en gewenste kennis

In het kader van het Versnellingsplan van Ruimte voor Lopen uit 2022 is aan Decisio en Molster Stedenbouw gevraagd om te verkennen welke nieuwe kennis inmiddels beschikbaar is gekomen nadat in 2018 de CROW-publicatie ’Verkenning effecten van investeren in lopen’ is verschenen. Ook is gevraagd door middel van een reeks interviews met actoren uit het veld te onderzoeken welke informatie vooral nodig is en welke vorm deze het beste kan krijgen. In de nu verschenen rapportage wordt verslag gedaan van de verkenning en zijn aanbevelingen gedaan voor vervolgstappen. Op grond daarvan is besloten te werken aan het ontwikkelen van standaardgereedschap voor het doen van effectmeting van loopmaatregelen en een verdere verkenning van de baten van een loopvriendelijke omgeving bij gebiedsontwikkeling.

De 15-minutenstad. Hoe doe je dat?

Overzichtsdocument over het concept ’15-minutenstad’. Eerst worden de ontwerpprincipes van dit kader uitgelegd. Vervolgens worden enkele veel voorkomende dilemma’s uit de praktijk genoemd en behandeld. Tot slot worden twee voorbeelden behandeld van nieuw te ontwikkelen wijken die worden ontwikkeld aan de hand van dit principe.

 

Magazine Lopen over de 15-minutenstad.

Derk van der laan schreef voor het magazine LOPEN een artikel naar aanleiding van de publicatie: De 15-minutenstad. Hoe doe je dat? ‘Het begrip ‘De 15-minutenstad’ kwam het afgelopen jaar op allerlei plekken dicht(er)bij, in binnen- en buitenland. Ook groeide het aantal uitgesproken voor- en tegenstanders. Ondertussen loopt ons mobiliteitssysteem vast. Wanneer we op dezelfde voet doorgaan, raken leefbaarheid, bereikbaarheid en ruimtelijke kwaliteit verder in de knel.’schrijft Van der Laan online.  

Walkability of large Dutch cities

Het betreft een onderzoek waarin de definities van walkablity worden benoemd en er op verschillende manieren gekeken is naar hoe het gesteld is met de loopvriendelijkheid in verschillende steden. De steden die gekozen zijn voor dit onderzoek zijn Utrecht en Amsterdam. Het onderzoek stelt dat in het beleid op het gebied van lopen de focus vooral is gericht op minder ruimtegebruik, veiligheid en modal shift.

De ontwikkeling van het stedelijke loop en wandelnetwerk – Handboek voor professionals

Als onderdeel van zijn afstudeeronderzoek heeft Dennis van Sluijs een handboek gemaakt met daarin handvaten waarmee stedenbouwkundigen, verkeerskundig ontwerpers en beleidsmakers actief rekening kunnen houden met de wandelintenties van de voetganger en de bijbehorende effecten op het wandelnetwerk en de openbare ruimte. Het doel van dit handboek is het bijdragen aan het verbeteren van huidige loop en wandelroutes, naar kwalitatief hoogwaardige loop en wandelroutes voor
iedere individuele voetganger. Het gewenste gevolg hiervan is dat er meer wordt gelopen en de openbare ruimte voor iedere voetganger comfortabel en aantrekkelijk is. Het bijkomende en voordelige effect hiervan is dat de baten van én voor de voetganger optimaal worden benut.

Hieronder is de afstudeerversie van het handboek te downloaden. Het handboek heeft inmiddels een update gehad. Deze is op te vragen via deze webpagina van adviesbureau Goudappel.

En nu doorstappen! Een onderzoek naar het loopgedrag van ambtenaren van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat

Als werknemers gedurende de werkdag lopen leidt dit tot gezonde, productieve en creatieve werknemers. hetgeen voordelig is voor zowel werknemer als werkgever. Daarom is het van belang om lopen gedurende de werkdag te stimuleren. Dit onderzoek heeft zich gericht op het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Er is onderzocht welke factoren van invloed zijn op de motivatie van werknemers om te gaan lopen gedurende de werkdag en op welke manieren de bereidheid om te lopen vergroot kan worden. Om deze vragen te beantwoorden zijn interviews afgenomen en is er een enquête uitgezet. Uit de verzamelde data kwamen verschillende bevindingen naar voren. Zo kan worden gesteld dat lopen voor weinig medewerkers van het ministerie onderdeel vormt van het woon-werkverkeer. Wel is gebleken dat meer mensen zijn gaan lopen gedurende de werkdag sinds het thuiswerken, zowel tijdens pauzes als tijdens vergaderingen. Over de factoren die van invloed zijn op de motivatie kan worden gesteld dat intrinsieke motivatie, de sociale omgeving en de fysieke omgeving invloed hebben op het besluit om al dan wel of niet te lopen tijdens de werkdag. Gebleken is dat extrinsieke prikkels nauwelijks effect hebben op de motivatie om te lopen. Daarnaast kan worden geconcludeerd dat er verschillende manieren zijn om medewerkers te stimuleren om te lopen, omdat iedereen zijn eigen behoeften heeft. Op basis van de verzamelde data zijn verschillende aanbevelingen gedaan aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat die zij kan opnemen in de werkgeversaanpak om lopen te stimuleren. Zo is onder andere voorgesteld om flexibel om te gaan met de pauzetijden om zo de drukte bij de liften te vermijden. Daarnaast wordt de aanbeveling gedaan om bilaterale vergaderingen standaard wandelend af te leggen.

De Voetgangerscode; Het creëren van een voetgangersklimaat

Deze scriptie is uitgevoerd in opdracht van de gemeente Tilburg en kan in de toekomst een bijdrage leveren aan een duurzamere stad. Gemeenten zijn druk bezig met het opstellen van voetgangersbeleid. Om in toekomst de stap van voetgangersbeleid naar uitvoering te zetten is een methodiek ontwikkeld. De methodiek, genaamd ‘De Voetgangerscode’ kan ervoor zorgen dat gemeenten looproutes kunnen verbeteren door een infrastructurele basis te creëren en ruimtelijke en psychologische factoren te integreren. Dit zorgt ervoor dat looproutes in de toekomst voetgangers stimuleren om er gebruik van te maken. Conclusie is dat de methodiek werkt op basis van de variabelen van de voetgangersbehoeftepiramide. De gemeente dient er hierbij op een chronologische volgorde voor te zorgen dat de looproutes eerst voldoen aan de variabelen uit de onderste piramidelagen, voordat de variabelen uit de bovenste lagen van toepassing kunnen zijn.

Toegankelijkheid van looproutes tussen het OV en het rijksvastgoedbedrijf

Dit rapport is uitgevoerd door een zestal studenten van de Saxion Hogeschool Deventer voor het Rijksvastgoedbedrijf en heeft als doel om haar meer inzicht te geven over de toegankelijkheid en kwaliteit van looproutes van en naar Rijksvastgoedgebouwen. Er is gekozen om in vier steden (Amersfoort, Zwolle, Apeldoorn en Arnhem) onderzoek te doen naar de toegankelijkheid tussen het openbaar vervoer en de gebouwen van het Rijksvastgoedbedrijf. Hierbij zijn de routes vanaf het station of vanaf het busstation belopen en beoordeeld op toegankelijkheid en kwaliteit. Van al deze routes is een fotorapportage gemaakt die zijn verwerkt in het rapport. Om de routes te kunnen beoordelen zijn door middel van deskresearch randvoorwaarden opgesteld. Daarnaast is gekeken naar de overgang van openbaar naar privéterrein, omdat dit een belangrijk aspect bleek te zijn als het gaat om de toegankelijk van de gebouwen. Voor enkele routes zijn verbeter voorstellen gemaakt, deze voorstellen zijn gemaakt om een beeld te geven van hoe het anders zou kunnen.

>