We waren erbij, van a tot z. Vandaag, donderdag 1 oktober, stond Kazerne Eindhoven volledig in het teken van de voetganger. Tijdens het Nationaal Voetgangerscongres 2026 kwamen professionals uit het hele land samen rond het thema ‘Vanuit de voetganger’. Met 29 presentaties, workshops en walkshops was er de hele dag ruimte voor kennis, praktijkvoorbeelden en vooral veel gesprekken over één vraag: hoe zorgen we ervoor dat lopen een vanzelfsprekend onderdeel is in de inrichting en ontwikkeling van onze steden en dorpen?
Eindhoven groeit, dus de ruimte moet anders anders worden ingericht
Dagvoorzitter Jacqueline Kerkhof opende de dag samen met Robert Strijk, wethouder mobiliteit van gaststad Eindhoven. Zijn boodschap was duidelijk: de stad groeit en dat vraagt om andere keuzes in de openbare ruimte. “De ambities van Eindhoven zijn groot. Als we iedereen laten reizen zoals we nu doen, wordt het niet leuk. Bij gebiedsontwikkeling moet de voetganger volop ruimte krijgen.” Een uitspraak die precies raakt aan de opgave waar veel gemeenten voor staan: groei mogelijk maken én zorgen dat buurten prettig, veilig en toegankelijk blijven voor mensen die lopen. Ook Eindhoven kiest er in zijn mobiliteitsbeleid nadrukkelijk voor om lopen aantrekkelijker en vanzelfsprekender te maken.


Van beleid naar praktijk
Daarna waaierden de deelnemers uit over het programma. De thema’s liepen uiteen van data, verkeersveiligheid en toegankelijkheid tot ontwerp en gedrag. Juist die breedte maakt het congres interessant: goed loopbeleid ontstaat niet op één afdeling en ook niet met één maatregel. Het vraagt om samenwerking tussen mobiliteit, ruimtelijke ontwikkeling, gezondheid, ontwerp en beheer. Ook vanuit Ruimte voor Lopen waren onder meer Martine de Vaan en Filip van As aanwezig, net als Karen van der Spek, programmaleider van de City Deal Ruimte voor Lopen. Op het informatieplein was er onder andere een informatiestand van ons te vinden.
Hoe ver is loopbeleid bij gemeenten?
In de laatste plenaire sessie stond het loopbeleid van gemeenten centraal. Martine de Vaan ging over dit thema in gesprek met Birgit Cannegieter van gemeente Utrecht, Stijn Altena van gemeente Nijmegen en stedenbouwkundige Annemieke Molster. Dat gesprek paste mooi bij een ontwikkeling die we al langer zien: lopen krijgt steeds vaker een eigen plek in gemeentelijk beleid. De volgende uitdaging is om ambities te vertalen naar keuzes in projecten, budgetten, ontwerpprincipes en de dagelijkse praktijk. Utrecht werkt bijvoorbeeld met een eigen Voetgangersaanpak om in de hele stad de kwaliteit van de ruimte voor voetgangers te verbeteren.


Een ommetje maakt meer dan een route
De slotwoorden waren aan schrijver en filosoof Pieter Hoexum, auteur van Kleine filosofie van het ommetje. Na een dag vol beleid, ontwerp en uitvoering bracht hij het onderwerp terug naar iets heel alledaags: gewoon een rondje door je eigen buurt. “Wie een ommetje maakt, ontplooit zichzelf als mens. En jouw aanwezigheid en voortbeweging door de buurt maakt het openbare leven waardevol.” Een mooie afsluiting, omdat het laat zien waar al dat loopbeleid uiteindelijk om draait: mensen die zich lopend door hun omgeving kunnen bewegen, er anderen ontmoeten en de buurt daadwerkelijk beleven.

Succes!
Voor ons was het Nationaal Voetgangerscongres 2026 zonder meer een succes. Veel onderwerpen die in Eindhoven langskwamen, sluiten rechtstreeks aan op het Nationaal Masterplan Lopen. Daarin werken partners aan 30 concrete acties, onder meer rondom loopbeleid, voetgangersvriendelijke gebiedsontwikkeling, kennis en data en een openbare ruimte die uitnodigt om te lopen. Het congres liet opnieuw zien hoeveel kennis en energie er al is. Nu is het zaak die kennis te blijven delen en vooral toe te passen. Zo maken we samen steeds meer Ruimte voor Lopen.