In gesprek met …

Groen in de stad: ‘Kijken door de ogen van een ander’

Harry Boeschoten, programmadirecteur Groene Metropool van Staatsbosbeheer

Staatsbosbeheer streeft ernaar dat iedere Nederlander direct vanuit zijn of haar huis is aangesloten op een groen, waterrijk netwerk. “Dat is niet alleen essentieel voor een loopvriendelijke leefomgeving, maar ook voor de biodiversiteit in Nederland”, stelt Harry Boeschoten, programmadirecteur Groene Metropool van Staatsbosbeheer. Hij is een van de aanjagers van de City Deal Ruimte voor Lopen. 

Dat een groenere omgeving belangrijk is voor stadsbewoners werd het afgelopen anderhalf jaar wel duidelijk in de coronatijd, stelt Boeschoten. “Je merkt dat heel veel mensen hun directe leefomgeving echt hebben ontdekt de afgelopen periode. Zowel de kwaliteit, maar ook de tekortkomingen ervan. Daar spelen wij op in. Wat moet je doen om ervoor te zorgen dat het overal prettig is?”

De Groene Metropool  

En dat wordt steeds meer een uitdaging met de groeiende verstedelijking. De druk op de openbare ruimte in de stad neemt toe door de bouw van extra woningen. Vergeleken met andere plekken op de wereld waar veel mensen dicht op elkaar wonen, zijn onze steden volgens Staatsbosbeheer gelukkig nog steeds groen en goed geordend. Dat is een belangrijke waarde, om te behouden én verder te versterken en verbeteren, stelt de natuurorganisatie in de visie De Groene Metropool. Die pleit voor groene netwerken in de stad, waarbij stukken groen in en buiten de stad met elkaar zijn verbonden.  

Maar wat is de rol precies van Staatsbosbeheer in de stad? “We zijn natuurlijk van oorsprong beheerder van bos- en natuurgebieden en groene recreatiegebieden”, vertelt Boeschoten. “Een paar jaar geleden kwamen we tot de conclusie dat we te veel de natuur van een aanbodgerichte kant bekijken. We bieden natuur aan waarin mensen kunnen recreëren. Als je meer vraaggericht kijkt, kom je erachter dat mensen in de stad er heel anders naar kijken. Vraag stedelingen, wethouders, bouwers of ontwikkelaars wat voor hen de betekenis is van groen. Dan gaat het niet meteen over biodiversiteit, maar meer over bewegen, sport, naar buiten gaan, gezondheid of een frisse neus halen. Ook bouwopgaven en klimaatopgaven, zoals wateropvang of hittestress komen aan de orde. Kortom, het gaat over een veel bredere betekenis van groen dan natuur of recreatie, wat onze kerntaak is.” 

Uit al die gesprekken met mensen uit verschillende steden, ontstond bij Boeschoten de behoefte om hen samen te brengen. “Het fenomeen City Deal is daarvoor een heel mooi voertuig. We waren al eerder partner in de City Deal Klimaatadaptatie, die nu is afgerond. Dat heeft ons ook veel gebracht qua denken en qua netwerk. Je komt in een andere wereld terecht, je leert vanuit een ander perspectief kijken. Voor een visie als de Groene Metropool, heb je dat nodig. Je kan alleen succesvol zijn met veel partners uit andere domeinen om je heen.” 

Kijken door de ogen van een vlinder 

Wat is de relatie precies tussen lopen – de rode draad van de City Deal – en de groene netwerken? Groen in de stad is zowel goed voor de stadsbewoners, als voor de natuur, stelt Boeschoten. “Alle mensen hebben behoefte aan een doorlopend, goed vindbaar, prettig en veilig netwerk. Of je nu een kwartiertje een frisse neus haalt of een fietstocht maakt van een uur. In de praktijk lopen en fietsen mensen heel graag door het groen. Dat zoeken ze actief op. Ze fietsen of lopen er zelfs voor om, als de route aangenamer is. Als je kijkt door de ogen van de vlinder, bij of huismus, dan zijn die groene netwerken ook belangrijk: het is hun leefomgeving. 

Als je die twee perspectieven, mens en natuur, op elkaar legt dan kun je dus heel goed een netwerk opzetten, dat beide perspectieven kan bedienen. Dat brengt de mens vanuit zijn voordeur tot in het verre buitengebied en het brengt de natuur tot aan je voordeur. Het optimaliseert het natuurpotentieel van de stad.” 

De rol van Staatsbosbeheer in de City Deal is dan ook om juist op die ecologische waarde te letten. Boeschoten: “Je ziet dat de oriëntatie van veel City Deal partners heel sterk is gericht op het lopen. Ons doel in de City Deal is het om het niet alleen om de stad groener te laten zijn, maar ook om daarbij dus bepaalde ecologische kwaliteiten na te streven. Kijk bijvoorbeeld naar de grote binnenstedelijke nieuwbouwprojecten. De tekeningen voor zulke projecten zien er altijd fantastisch uit. Helaas zie je vaak dat de ambitie van deze geweldige artists impressions na de realisatie al snel naar beneden worden bijgesteld. Dan wordt er toch gekozen om extra huizen bij te bouwen als de grondexploitatie niet helemaal rond komt. Wij zeggen: je moet van meet af aan gebruikskwaliteit én natuurkwaliteit hoog in het vaandel hebben staan. Dat moet je met elkaar zien te borgen tot het eind van het traject. Alle steden willen vergroenen op dit moment. De neiging is echter om in groene plekken te denken die niet zijn verbonden. Dat is voor mensen jammer en voor de natuur. We willen proberen met medebeheerders van de ruimte – van particulieren, gemeenten, Natuurmonumenten, de Landschappen, landgoederen tot de boeren – om die netwerken te maken zodat niet alleen de natuurkwaliteit, maar ook de menselijke gebruikerskwaliteit toeneemt.”  

“Als je de perspectieven van
mens en natuur op elkaar legt dan kun je heel goed een netwerk opzetten, dat beide perspectieven kan bedienen. Dat brengt de mens vanuit zijn voordeur tot in het verre buitengebied en het brengt de natuur tot aan je voordeur. Het optimaliseert het natuurpotentieel van de stad.”

Gesprek met steden 

Boeschoten heeft zo’n 25 steden op het oog. “Daar liggen wij met onze natuurgronden tegen het stedelijk gebied aan of zelfs in het stedelijk gebied. We kijken hoe we die meerwaarde van onze visie kunnen realiseren. Met sommige steden zijn we al best ver. Almere heeft bijvoorbeeld helemaal de gedachte van de groene netwerken geadopteerd. Dat past natuurlijk ook helemaal bij de opzet van die stad. Ook Breda en Zoetermeer zijn geïnteresseerd en willen hun stedelijke opgave langs deze lijnen vormgeven. Met andere steden moeten we het gesprek nog beginnen. De bouwopgave van 1 miljoen woningen die we met elkaar moeten maken is een geweldige kans om dit te laten landen, en het goed aan te pakken. Een groot deel van die woningen worden binnenstedelijk gebouwd. Ook kunnen we de bouwopgave koppelen met de bosuitbreidingswens die er is. Het kabinet wil 10 procent bos erbij, ongeveer 37.000 hectare, het oppervlakte van Texel. Dat kun je voor een deel combineren met stedelijke ontwikkeling. Bij Zoetermeer is dat in de jaren ’80 al gerealiseerd met de aanleg van het Bentwoud.” 

Hoe ziet Boeschoten de ideale toekomst voor de Groene Metropool? “Het mooiste zou zijn dat de denkwijze van groene netwerken dan echt verankerd is in het ruimtelijk beleid. Daarbij gaat het erom dat je een substantiële oppervlakte hebt aan groen in en om de stad, dat die verbonden is via groene netwerken en dat je streeft naar een bepaalde basiskwaliteit voor mens en natuur. Mijn droom is dat dit denken gemeengoed wordt bij Rijk, gemeente en provincies. Dat is best spannend, maar ik zou niet weten waarom het niet zou lukken. De grootste uitdaging is dat je het mensen moet kunnen laten zien. Het is een beetje ‘Cruijffiaans’ met die groene netwerken. Je snapt het pas als je het door hebt. Groene gebieden in stedelijke omgeving zijn nog eilanden, en niet verbonden. De auto kan heel makkelijk van a naar b in de stad, maar de egel woont in zo’n groene enclave maar ergens naartoe gaan is er niet bij. Het is een kwestie van door de ogen van een ander kijken.” 

“Bedenk hoe je de inwoners kan uitdagen en helpen om zelf die vergroening vorm te geven!”

Groen is bovendien een heel bepalende factor voor de gezondheid van mensen in een wijk. Wijken met veel groen lijken een soort hogere basisgezondheid te hebben. Natuurlijk zorgt meer groen niet automatisch voor meer gezondheid. In een wijk als Overvecht in Utrecht is de gezondheid aanzienlijk lager dan in het ernaast gelegen Tuindorp. Dat heeft met allerlei sociaalmaatschappelijke factoren te maken, maar ook omdat de kwaliteit van het groen er niet zo geweldig is, aldus de programmadirecteur. “Zoals in veel wederopbouwwijken in Nederland liggen hier vooral veel standaard plantsoenen. Gazons met wat bomen en wat lage struikjes, waar je op zijn best wat kunt voetballen. Voor de natuur en mens heeft het maar een betrekkelijke waarde. Als je deze ruimte beter zou inrichten dan neemt de gebruiks- en natuurwaarde toe.” Betrek de mensen erbij, stelt Boeschoten voor. “De behoefte van mensen om te vergroenen is enorm. Kijk naar de wijk de Jordaan in Amsterdam. Daar is betrekkelijk weinig ruimte voor groen, toch zie je dat bewoners enorm veel doen voor de vergroening van de straten met potten en pannen en gevelplantjes en klimop. Zo ontstaat er ook een groen netwerk. Streef je als stad naar vergroening, bedenk dan hoe je de inwoners kan uitdagen en helpen om zelf die vergroening vorm te geven!” 

Zo draagt Staatsbosbeheer bij aan groen in de stad

Het Haagse Bos 

Hier faciliteert Staatsbosbeheer het initiatief de Groene Sportschool, waarin ondernemers gezamenlijk diverse activiteiten aanbieden die duurzame inzetbaarheid en vitaliteit van werknemers versterken.  

Het Diemerscheg 

Deze ‘groene long’ aan de oostkant van Amsterdam wordt doorkruist door snelwegen, spoorverbindingen en kanalen. Samen met organisaties uit de stad, de gemeenten en een aantal kenniscentra, wil Staatsbosbeheer een aantrekkelijk, veelzijdig groen recreatielandschap ontwikkelen. Dit landschap loopt vanuit het wijkgroen en de stadsparken op natuurlijke wijze door in de recreatiegebieden aan de rand van de stad en de oevers van het IJmeer en de Vecht. 

Voedselbossen 

Bij Amsterdam en Almere onderzoekt Staatsbosbeheer hoe samen met horecaondernemers pluk- of voedselbossen kunnen worden aangelegd. 

Venneperhout 

Samen met overheden, ondernemers en gebruikers heeft Staatsbosbeheer de Venneperhout in Haarlemmermeer opgeknapt, inclusief horeca, een nieuw hondenlosloopgebied en heeft ze paden en ruiterroutes opgeknapt. Zo is er voor omwonenden een aantrekkelijker groen gebied dicht bij huis ontstaan.

Foto: Rob Acket 

City Deal logo